Het Rekenhof kwam tekst en uitleg geven bij het verslag over de begrotingsaanpassing waarover het parlement zich momenteel buigt. Die oefening is intussen al voor een stuk achterhaald, want er is geen rekening gehouden met het conflict in het Midden-Oosten en de energiecrisis. De omvang van de gevolgen valt vandaag moeilijk in te schatten, aldus Moens.

Volgens het Rekenhof zou het Begrotingstekort dit jaar uitkomen op 24,5 miljard euro en oplopen tot 36,2 miljard euro in 2029. De ontvangsten zouden afnemen van 30,4 procent van het bbp in 2026 naar 29,5 procent op het einde van de legislatuur. De rentelasten nemen toe van 12,5 naar 17,5 miljard euro. Moens waarschuwt dat het Europese criterium "in de verste verte" niet zal volstaan om op middellange termijn het tekort weer in de buurt van de 3 procent van het bbp te krijgen. Daarvoor zal een inspanning van minstens 15 tot 20 miljard euro nodig zijn. Tot nu toe werd uitgegaan van een inspanning van minstens 5 miljard. Tot nu toe mikt de regering tegen 21 juli op een akkoord over een bijkomende sanering van 5 tot 7 miljard euro. Premier Bart De Wever (N-VA) heeft al aangegeven dat er 2 legislaturen nodig zijn om de begroting weer in veiligere wateren te loodsen.

Gevaar van de rentesneeuwbal

De overheidsschuld blijft intussen stijgen en dat heeft gevolgen op de rentelasten van ons land. Moens herhaalt dat we "gevaarlijk dicht" bij het sneeuwbaleffect staan. Dat is een vicieuze cirkel in de overheidsschuld die ontstaat als de gemiddelde rente op de staatsschuld groter is dan de nominale economische groei (reële economische groei plus inflatie). Daardoor dikt de totale schuldgraad automatisch aan. Moens ziet wel een "klein lichtpunt": volgens het Agentschap voor de Schuld hebben de recente ratingverlagingen niet zoveel effect gehad. Hij bevestigt dat een aantal fiscale ontvangsten onder druk staan. Soms kan dat de bedoeling zijn - door bijvoorbeeld de fiscale hervorming. Maar fenomenen als de vervennootschappelijking leiden ook tot minder inkomsten. Moens merkt op dat de grootste besparingen er komen bij de pensioenen, de werkloosheid en de arbeidsongeschiktheid. Die lopen in de miljarden. Ook op andere domeinen werden ingrepen doorgevoerd, maar daar blijkt de opbrengst bescheidener.